Eén van de oudste vormen van poker is 5 Card Draw. Anders dan bij Texas Hold’em, kent dit spel geen gemeenschappelijke kaarten. Elke speler krijgt vijf kaarten waarvan hij er één keer een aantal mag ruilen met de overgebleven kaarten van het deck.

Aan het begin van elk spel krijgt elke speler één voor één vijf kaarten gesloten gedeeld, dit zijn de “Hole Cards” of “Pocket Cards” van de speler. De overgebleven kaarten van het deck worden vervolgens opzij gelegd. Als iedere speler vijf kaarten in de handen heeft volgt de eerste bet ronde. De speler links naast de dealer begint met inzetten, dit gaat kloksgewijs door totdat alle spelers hun inzet hebben gedaan. Een speler kan ook niets inzetten, in dit geval worden de kaarten gesloten op tafel gegooid en neemt de betreffende speler niet meer deel aan deze ronde van het spel, dit wordt een “Fold” genoemd. Als alle bets zijn gedaan, mag elke speler een aantal van zijn hole cards ruilen met de stapel, waarbij de speler tussen de nul en vijf kaarten mag ruilen. De kaarten die geruild worden, worden opzij gelegd en de speler krijgt eenzelfde aantal nieuwe kaarten van het deck.

Na het ruilen van de kaarten volgt de tweede en laatste betting ronde. Wanneer alle spelers hun acties hebben gedaan, openen zij hun pokerhanden en wordt er gekeken wie de hoogste hand heeft. De speler die als laatste een actie heeft ondernomen opent als eerste zijn pokerhand. Vervolgens toont de speler links van deze speler zijn hand of gooit zijn pokerhand gesloten op tafel als deze hand lager is dan de getoonde hand. Degene met de hoogste combinatie wint de pot.